Coronavirus: overdracht of uitbetaling van de jaarlijkse vakantie uitzonderlijk mogelijk voor de zorgsector

De zorgsector (ziekenhuizen, woonzorgcentra, thuishulp etc.) zijn zonder onderbreking blijven verder werken gedurende de eerste en tweede golf, met als gevolg dat er een (zeer) groot openstaand saldo aan vakantiedagen is overgebleven. Daarom hebben Unisoc en de sectorfederaties aan de federale overheid gevraagd of hier enige soepele benadering kon voor gezocht worden, waarop de federale overheid zich (via de sociale inspectie) geëngageerd heeft om in deze materie tolerant op te treden.

cong├ęs (4)

In overeenstemming met de wetten van 28 juni 1971 betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers en het KB van 30 maart 1967, moeten in principe alle wettelijke vakantiedagen worden opgenomen ten laatste op 31 december van het vakantiejaar. De enige uitzondering hierop is wanneer de werknemer in de onmogelijkheid verkeert om alle of een deel van zijn wettelijke vakantiedagen op te nemen (artikel 67 van het KB). Die onmogelijkheid kan liggen in een arbeidsongeschiktheid of ruimer, in een geval van overmacht.

In dat geval worden de wettelijke vakantiedagen omgezet naar een equivalente vergoeding in vakantiegeld. Het bewijzen van de overmacht is niettemin moeilijk en daardoor onzeker, terwijl de situatie in de zorgsector momenteel bijzonder moeilijk is door de gezondheidscrisis. Het is daarom aangewezen dat de regels uitzonderlijk vereenvoudigd worden voor het jaar 2020.

Op onze vraag heeft het kabinet van de minister van Werk daarom, na consultatie van de verschillende administraties en de inspectie belast met het controleren van de wetgeving op de jaarlijkse vakantie, twee mogelijkheden voorzien voor de betrokken ondernemingen, mits telkens een akkoord bestaat tussen werkgever en werknemer:

    1. In afwijking van de basisregel dat het recht op jaarlijkse vakantie (vakantiedagen) moet opgenomen zijn voor 31 december van het vakantiejaar, mag – bij wijze van strikte uitzondering als gevolg van de coronacrisis – het openstaand saldo vakantiedagen overgedragen worden naar het volgende vakantiejaar (zijnde 2021) wanneer de vakantierechten niet uitgeput zijn.
    2. Loon (vakantiegeld) betalen dat gelijk is aan de wettelijke vakantiedagen die niet opgenomen zijn, is eveneens toegestaan. Dit heeft als gevolg dat de vakantierechten met betrekking tot het vakantiedienstjaar 2019 (in 2019 verdiend en in 2020 op te nemen dagen) worden “afgelost”. Deze dagen mogen/kunnen daarom niet meer worden opgenomen in 2021.

Het kabinet Werk heeft aan de sociale inspectie instructies gegeven om een tolerante houding toe te passen voor deze twee mogelijkheden.

Verduidelijking: deze tolerante houding wordt toegepast in de zorgsector in de brede zin en meer bepaald op de zorgberoepen (dus niet op bijvoorbeeld de (hulp)boekhouder in een woonzorgcentrum).

In het tweede scenario (betaling) zijn bovendien sociale zekerheidsbijdragen verschuldigd (zowel voor de werkgever als voor de werknemer). Het kabinet van de minister van Werk heeft verduidelijkt dat het geen voordelige sociale en fiscale behandeling kan voorzien voor een maatregel die ingaat tegen het Europees recht, en zeker rekening houdend met de uitzonderlijke afwijkingen die reeds toegestaan worden met deze twee bovenstaande maatregelen.

 

Terug naar themafiche