Bescherming voor personeelsafgevaardigden aangepast na de verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd
Personeelsafgevaardigden in de ondernemingsraad en het CPBW genieten een speciale ontslagbescherming. In principe eindigt deze bescherming wanneer de personeelsafgevaardigde de wettelijke pensioenleeftijd bereikt, die momenteel is vastgesteld op 65 jaar. Aangezien deze leeftijd geleidelijk zal worden verhoogd in 2025 en 2030, heeft het federale parlement een wet aangenomen die de leeftijd tot wanneer deze speciale ontslagbescherming van toepassing is, overeenkomstig aanpast.
Personeelsafgevaardigden in de ondernemingsraad (OR) en het comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW), verkozen tijdens sociale verkiezingen die om de 4 jaar plaatsvinden, genieten een bijzondere ontslagbescherming voor de duur van hun mandaat. Ze kunnen alleen worden ontslagen om een ernstige reden die vooraf is goedgekeurd door de rechtbank, of om een economische of technische reden die vooraf is goedgekeurd door het paritair comité.
De wet bepaalt dat personeelsafgevaardigden die de wettelijke pensioenleeftijd bereiken, momenteel 65 jaar, in principe geen aanspraak meer kunnen maken op deze bescherming. Enkele jaren geleden heeft de wetgever echter besloten om de wettelijke pensioenleeftijd te verhogen. Deze zal stijgen tot 66 jaar in 2025 en 67 jaar in 2030.
Om met deze verhoging rekening te houden, heeft het federale parlement zopas een wetsvoorstel goedgekeurd en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Dit wetsvoorstel wijzigt de wet zodat de leeftijd aangepast wordt tot wanneer deze bijzondere ontslagbescherming van toepassing is. De nieuwe leeftijd wordt 66 jaar vanaf 2025 en 67 jaar vanaf 2030.
Deze bijzondere ontslagbescherming geldt zowel voor verkozen personeelsafgevaardigden als voor kandidaten die niet verkozen werden bij de sociale verkiezingen.
Meer informatie over de sociale verkiezingen, die in mei 2024 zullen plaatsvinden, vindt u in onze themafiche.