Arbeid en vrijwilligerswerk tijdens moederschapsrust

Begin maart 2026 werd een wet gepubliceerd die het voor vrouwen mogelijk maakt om tijdens de moederschapsrust bepaalde politieke mandaten en vrijwilligerswerk te blijven uitoefenen, ondanks het beginsel van het verbod van cumulatie tussen een moederschapsrust en arbeid. De Nationale Arbeidsraad werd geconsulteerd tijdens de procedure, maar het advies van de sociale partners werd niet gevolgd. 

égalité hf (2)

Het wetsvoorstel, dat reeds in 2024 werd voorgelegd aan de Nationale Arbeidsraad voor advies, wilde de uitoefening van het mandaat van gemeenteraadslid, provincieraadslid, raadslid van een politiezone, raadslid van een OCMW en een niet-uitvoerend mandaat als vertegenwoordiger van de gemeente of het OCMW niet als werkzaamheid kwalificeren onder de Ziekte- en Invaliditeitswet en bijgevolg als toegelaten activiteiten beschouwen. Concreet zou een moeder tijdens haar moederschapsrust deze activiteiten mogen uitoefenen, zonder haar moederschapsuitkering te verliezen. 

De sociale partners hadden reeds in 2013 over een wetsvoorstel met dezelfde inhoud unaniem geadviseerd dat de uitoefening van een politiek mandaat en van vrijwilligerswerk kan worden beschouwd als werkzaamheid, en dus onverenigbaar is met de moederschapsrust en -uitkering. Bovendien gaat het voorstel in tegen het doel van de moederschapsrust, namelijk herstel van de moeder en de band met het kind te vestigen. Tot slot wordt ook mogelijke discriminatie aangehaald. De NAR verwijst in 2024 dan ook unaniem naar dit advies, en naar het advies van het beheerscomité van het RIZIV dat eveneens negatief is. 

Hoewel er dus negatieve adviezen gegeven werden, heeft de Kamer op 11 februari 2026 een wet aangenomen die de cumul tussen de moederschapsrust enerzijds, en de (o.a.) hoger genoemde mandaten en het vrijwilligerswerk (later aan toegevoegd) toelaat. Voor een volledige lijst van de toegelaten mandaten verwijzen we u naar de wettekst. Verder dient de vrouw die het vrijwilligerswerk of politiek mandaat wenst uit te oefenen, een attest van de organisatie voor het vrijwilligerswerk of een afschrift van de beslissing van de politieke instelling waarin zij zetelt, aan de verzekeringsinstelling te bezorgen. 

De wet treedt in werking op 1 april 2026 en is van toepassing op elke periode van moederschapsrust die aanvangt vanaf die dag.